In januari en februari vindt de geboortegolf van jonge gnoes plaats
In april/mei passeren ze het gebied tussen de Moru Kopjes en het westen van Seronera Valley. In juni kunnen de kuddes zich splitsen; een klein deel gaat direct noordwaarts, de rest trekt eerst verder naar het westen naar de Grumeti rivier. Hier steken zij de rivier over, opgejaagd door de vele krokodillen. Begin juli komt de kudde weer bij elkaar om verder te trekken naar de Mara rivier in het uiterste noorden van de Serengeti en de Masai Mara in Kenia. Bij de oversteek vallen veel dieren ten prooi aan krokodillen of worden vertrapt door soortgenoten.
Getuige zijn van een rivieroversteek vereist veel geduld en veel geluk; het kan soms vele dagen duren voordat de kuddes in beweging komen! De dieren die de oversteek halen, blijven tot eind oktober in de Masai Mara. Overigens hebben veel andere diersoorten, zoals gazellen, giraffes en roofdieren vaak een vast territorium. Zij migreren dus niet, waardoor er altijd genoeg te zien is in het gehele park.





